Text Size

Artikelindex

 

NVM VOORWAARDEN

Algemene Consumentenvoorwaarden

(Versie februari 2006)

 

 
Deze Algemene Consumentenvoorwaarden van de Nederlandse Vereniging van
Makelaars in onroerende goederen en Vastgoeddeskundigen NVM zijn
totstandgekomen in overleg met de Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis in
het kader van de Coördinatiegroep Zelfreguleringsoverleg (CZ) van de Sociaal-
Economische Raad en treden in werking per 15 februari 2006. 

Bij het NVM bureau is informatie betreffende de NVM verkrijgbaar. Met vragen over
de Voorwaarden, het ledenbestand (is iemand wel lid van de NVM) enzovoorts kunt u
daar terecht.

 

Postbus 2222

3430 DC Nieuwegein

Telefoon 030 6085185

 

Deel 1. Algemeen
ARTIKEL 1 – Definities en begrippen 3
ARTIKEL 2 – Toepasselijkheid 3
ARTIKEL 3 – Algemeen en persoonlijk aanbod 3
ARTIKEL 4 – Totstandkoming van de opdracht 4
ARTIKEL 5 – Duur van de opdracht 4
ARTIKEL 6 – Einde van de opdracht 4
ARTIKEL 7 – Omzetbelasting, opeisbaarheid 5
ARTIKEL 8 – Algemene verplichtingen van de makelaar 5
ARTIKEL 9 – Algemene verplichtingen van de consument 5

Deel 2. Bemiddeling
ARTIKEL 10 – Opdracht tot bemiddeling, deeldiensten 6
ARTIKEL 11 – Verplichtingen van de makelaar 6
ARTIKEL 12 – Verplichtingen van de consument 7
ARTIKEL 13 – Courtage 7
ARTIKEL 14 – Berekening courtage koop en verkoop 8
ARTIKEL 15 – Berekening courtage huur en verhuur 9
ARTIKEL 16 – Kosten 10

Deel 3. Taxatie
ARTIKEL 17 – Taxatie 10

Deel 4. Vastgoedmanagement
ARTIKEL 18 – Vastgoedmanagement (beheer) 11

Deel 5. Geschillenregeling en branchegarantie
ARTIKEL 19 – Geschillenregeling 12
ARTIKEL 20 – Branchegarantie nakoming bindende adviezen. 13

Deel 6. Afwijking en wijziging
ARTIKEL 21 – Afwijking 13
ARTIKEL 22 – Wijziging 13


Deel 1. Algemeen

 

 

 

ARTIKEL 1 – Definities en begrippen

In deze algemene voorwaarden wordt verstaan onder:

a. Consument: opdrachtgever, natuurlijk persoon, die niet handelt in de
uitoefening van een beroep of bedrijf;
b. Makelaar: een bij de NVM aangesloten makelaar dan wel het bedrijf van een
bij de NVM aangesloten makelaar;
c. Opdracht: de overeenkomst van opdracht tot dienstverlening. Onder
dienstverlening wordt verstaan: de bemiddeling met betrekking tot koop,
verkoop, huur of verhuur van onroerende zaken (artikel 10 e.v.); de taxatie van
onroerende zaken (artikel 17); vastgoedmanagement (beheer) van onroerende
zaken (artikel 18) en de overige door de makelaar te verrichten diensten.
Onder onroerende zaken worden ook beperkte rechten op onroerende zaken
verstaan zoals erfpacht en opstal;
d. Honorarium: de prijs voor de dienstverlening door de makelaar waaronder de
courtage vermeld onder e;


e. Courtage: het honorarium dat verschuldigd is ter zake van bemiddeling met
betrekking tot koop, verkoop, huur of verhuur van onroerende zaken;
f. NVM: Nederlandse Vereniging van Makelaars in onroerende goederen en
vastgoeddeskundigen NVM gevestigd Fakkelstede 1, 3431 HZ Nieuwegein;
g. Geschillencommissie: de Geschillencommissie Makelaardij van de Stichting
Geschillencommissies voor consumentenzaken.


ARTIKEL 2 – Toepasselijkheid

Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op de totstandkoming en de
uitvoering van een tussen een consument en een makelaar gesloten overeenkomst van
opdracht tot dienstverlening met betrekking tot in Nederland gelegen onroerende
zaken.

ARTIKEL 3 – Algemeen en persoonlijk aanbod

1. Het algemene aanbod van de makelaar aan de consument bevat een duidelijke
omschrijving van de dienstverlening die de consument in kwestie mag
verwachten. Het algemene aanbod bevat tevens het honorarium voor de
dienstverlening en de overige condities waaronder de dienstverlening wordt
verricht.

2. Na kennisneming van het algemene aanbod door de consument, biedt de
makelaar de consument de gelegenheid daarover met hem in onderhandeling te
treden om tot een persoonlijk aanbod te komen.

3. De makelaar draagt er zorg voor dat het uiteindelijke persoonlijk aanbod
schriftelijk of electronisch in een opdrachtformulier wordt vastgelegd, waarin
naar de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden wordt verwezen.

4. Het persoonlijk aanbod dan wel het algemene aanbod gaat vergezeld van een
exemplaar van deze algemene voorwaarden.


5. Bij het ontbreken van een door de consument ondertekende schriftelijke of van
de consument afkomstige elektronische opdracht heeft de makelaar geen recht
op betaling van honorarium of onkosten, tenzij hij het bestaan van de opdracht
bij betwisting alsnog kan bewijzen.

ARTIKEL 4 – Totstandkoming van de opdracht

De opdracht komt tot stand door aanvaarding van het algemeen of het persoonlijk
aanbod door de consument.

ARTIKEL 5 – Duur van de opdracht

Tenzij tussen partijen anders is overeengekomen loopt de opdracht voor onbepaalde
tijd.

ARTIKEL 6 – Einde van de opdracht

1. De opdracht eindigt door:

a. vervulling van de opdracht door de makelaar, tenzij er sprake is van een
contract dat naar zijn aard een doorlopend karakter heeft (artikel 18);
b. intrekking van de opdracht door de consument;
c. teruggaaf van de opdracht door de makelaar;
d. ontbinding door een van beide partijen;
e. overlijden van de consument.


2. De makelaar heeft zijn opdracht vervuld, zodra de overeengekomen prestatie is
geleverd of – in geval van bemiddeling door de makelaar - de beoogde
overeenkomst tussen de betreffende partijen als gevolg van door hem
verleende diensten tot stand is gekomen. Bij koop van een woning door een
natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf,
is pas sprake van een overeenkomst als de koop is vastgelegd in een door
beide partijen ondertekende koopovereenkomst. Het vervuld zijn doet niet af
aan zijn uit die opdracht voortvloeiende verplichting om de consument bij de
afwikkeling te begeleiden.

Bij overeenkomsten waarvan de definitieve totstandkoming of verplichting tot
uitvoering krachtens een tot de overeenkomst behorend beding, afhankelijk is
van een opschortende of ontbindende voorwaarde, is ook het vervuld zijn van
de opdracht daarvan afhankelijk.

3. Een opdracht kan te allen tijde en zonder dat een opzegtermijn in acht behoeft
te worden genomen, worden ingetrokken. De consument is ter zake van een
intrekking nimmer schadeplichtig. De makelaar heeft terzake wel recht op
vergoeding van reeds gemaakte kosten zoals bedoeld in artikel 16 en, indien en
voor zo ver bij het verstrekken van de opdracht overeengekomen, op een
percentage van het loon. Het intrekken van een opdracht dient bij voorkeur
schriftelijk of elektronisch te geschieden.

4. De makelaar kan de opdracht teruggeven op grond van gewichtige redenen.
Als gewichtige reden wordt in ieder geval beschouwd: de in artikel 11 lid 1
beschreven situatie dan wel een ernstige verstoring van de relatie tussen de
makelaar en de consument. De teruggaaf door de makelaar dient schriftelijk of
electronisch te geschieden.


5. Een opdracht kan worden ontbonden wanneer aan de kant van de wederpartij
sprake is van een tekortkoming in de nakoming van de verplichtingen. Onder
‘wederpartij’ wordt hier verstaan de wederpartij van de makelaar (dit is: de
consument /opdrachtgever) dan wel de wederpartij van de consument (dit is:
de makelaar). De verklaring tot ontbinding dient bij voorkeur schriftelijk of
elektronisch te geschieden.

6. Als datum voor beëindiging van de opdracht geldt de datum waarop de
makelaar, respectievelijk de consument de (schriftelijke of elektronische)
mededeling inzake de intrekking, teruggaaf, beëindiging of overlijden
ontvangt of de in die mededeling genoemde latere datum.

ARTIKEL 7 – Omzetbelasting, opeisbaarheid

1. Het overeengekomen honorarium en de bijkomende kosten zijn, tenzij
uitdrukkelijk anders overeengekomen, inclusief wettelijk verschuldigde
omzetbelasting (BTW).

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 13 lid 2, zijn alle vorderingen wegens
verschuldigd honorarium, courtage of kosten direct opeisbaar zodra de
overeenkomst tot stand is gekomen of de opdracht is uitgevoerd, dan wel deze
om andere redenen eindigt.

ARTIKEL 8 – Algemene verplichtingen van de makelaar

1. De makelaar voert de door hem aanvaarde opdracht naar beste weten en
kunnen uit en met inachtneming van de belangen van de consument. Tenzij
anders overeengekomen mag de makelaar de werkzaamheden nodig voor het
uitvoeren van de opdracht door anderen, onder zijn verantwoording, laten
uitvoeren.

2. De makelaar houdt de consument regelmatig op de hoogte van de vorderingen.

3. De makelaar stuurt de consument een behoorlijk gespecificeerde factuur
waarin een redelijke betalingstermijn wordt vermeld. Indien de consument niet
binnen de in de factuur gestelde termijn betaalt, stuurt de makelaar hem een
betalingsherinnering waarin de consument de gelegenheid wordt geboden
alsnog binnen 2 weken na ontvangst van de herinnering te betalen.

4. De makelaar is verplicht zijn aansprakelijkheid voor schade die voorvloeit uit
een toerekenbare tekortkoming dan wel uit onrechtmatige daad afdoende te
verzekeren en verzekerd te houden.

ARTIKEL 9 – Algemene verplichtingen van de consument

1. De consument verschaft de makelaar naar beste weten en kunnen die
informatie die de makelaar nodig heeft voor de uitvoering van de opdracht.

2. De consument betaalt de makelaar voor de dienstverlening conform de
gemaakte afspraken binnen de in de factuur genoemde betalingstermijn. Indien
de consument dat nalaat en hij ook geen gevolg geeft aan de in artikel 8 lid 3
genoemde betalingsherinnering, is hij in verzuim en is de makelaar gerechtigd
de wettelijke rente in meerdering te brengen.

3. De makelaar is na verloop van de in artikel 8 lid 3 genoemde termijn van twee
weken bevoegd om zonder nadere ingebrekestelling over te gaan tot


invordering van het hem verschuldigde bedrag. De daaraan in redelijkheid
verbonden (buiten)gerechtelijke kosten zijn voor rekening van de consument,
tenzij de rechter of geschillencommissie anders beslist.

4. In geval een opdracht wordt verstrekt door méér dan één persoon, is ieder van
hen hoofdelijk aansprakelijk voor het betalen van al het verschuldigde uit
welke hoofde dan ook.

 

 


Deel 2. Bemiddeling

 

 

ARTIKEL 10 – Opdracht tot bemiddeling, deeldiensten

De kern van een opdracht tot bemiddeling betreft het geven van advies over en het
voeren van onderhandelingen. Daarnaast staan, tenzij anders overeengekomen, de
opdrachtgever uit hoofde van een opdracht tot bemiddeling onder meer de volgende
deeldiensten ter beschikking:

- bespreking van en advies omtrent de mogelijkheden om tot de beoogde
overeenkomst te komen;
- verzorging en begeleiding van bezichtigingen;
- beoordeling van de waarde van de betreffende onroerende zaak;
- besteding van aandacht aan juridische, fiscale, bouwkundige en andere van
belang zijnde aspecten;
- begeleiding bij de afwikkeling.


Voor deze deeldiensten kan ook apart een opdracht worden verstrekt. Op deeldiensten
zijn deze voorwaarden van toepassing voor zover de aard van die bepalingen zich daar
niet tegen verzet.

Voor alle in dit artikel genoemde vormen van dienstverlening geldt dat de makelaar
tijdens of direct voorafgaand aan de opdracht, de onroerende zaak minimaal eenmaal
bezichtigd moet hebben.

ARTIKEL 11 – Verplichtingen van de makelaar

1. De makelaar dient zich te onthouden van het aanvaarden van meer dan één
bemiddelingsopdracht met betrekking tot een en dezelfde onroerende zaak.
Indien hij eerder een bemiddelingsopdracht heeft ontvangen betreffende een
bepaalde onroerende zaak, kan hij een nieuwe opdracht pas aannemen, nadat
de eerste opdracht aantoonbaar is beëindigd.

Indien uit twee of meer lopende bemiddelingsopdrachten door de makelaar
diensten moeten worden verleend met betrekking tot een zelfde onroerende
zaak, terwijl het verlenen van de dienst aan de ene opdrachtgever in strijd is
met het belang van de andere opdrachtgever, dan dient de makelaar dit
schriftelijk of elektronisch te melden aan zijn opdrachtgevers. De makelaar is
in dat geval verplicht om, uiterlijk op het moment dat het stadium van
onderhandelingen tussen beide opdrachtgevers wordt bereikt, overleg te
voeren met zijn opdrachtgevers. Dit overleg dient er toe te leiden dat één van
de opdrachten wordt opgeschort dan wel beëindigd. Het is de makelaar dus
niet toegestaan om betreffende eenzelfde onroerende zaak, aan meer dan één
opdrachtgever diensten te verlenen wanneer het verlenen van de dienst aan de


ene opdrachtgever in strijd is met het belang van de andere opdrachtgever,
ongeacht de wensen van de betrokkenen.

2. De consument wiens bemiddelingsopdracht op grond van het in het vorige lid
bepaalde wordt beëindigd is de makelaar geen enkele vergoeding, hoe ook
genaamd, verschuldigd met uitzondering van eventuele kosten zoals genoemd
in artikel 16 die de makelaar reeds in opdracht van de consument heeft
gemaakt.

3. De makelaar is niet gerechtigd tot het sluiten van overeenkomsten namens de

consument, tenzij deze hiertoe een schriftelijke of elektronische volmacht
heeft verleend.

4. De makelaar houdt zich bij het uitvoeren van de opdracht aan de Wet
Bescherming Persoonsgegevens (WBP) en de Wet Identificatie bij
Dienstverlening (WID).

ARTIKEL 12 – Verplichtingen van de consument

Het is de consument, behoudens andersluidende afspraken, niet toegestaan buiten de
makelaar om overeenkomsten tot stand te brengen, onderhandelingen te voeren,
gebruik te maken van soortgelijke diensten van anderen en/of activiteiten te
ontplooien, die de makelaar bij het vervullen van zijn bemiddelingsopdracht kunnen
belemmeren of zijn activiteiten doorkruisen.

ARTIKEL 13 – Courtage

1. De consument is de makelaar courtage verschuldigd indien tijdens de looptijd
van de bemiddelingsopdracht een overeenkomst met betrekking tot een
onroerende zaak tot stand komt. Dit geldt ook indien de overeenkomst niet het
gevolg is van door de makelaar verleende diensten, tenzij het een opdracht
betreft van een opdrachtgever-koper of –huurder en deze koopt of huurt buiten
het gebied waarop de opdracht betrekking heeft.

Onder de totstandkoming van een overeenkomst wordt tevens verstaan het
door opdrachtgever meewerken aan een handeling als gevolg waarvan de
onroerende zaak geheel of gedeeltelijk wordt verkocht, verhuurd of toebedeeld
aan de opdrachtgever en/of een derde en in verband daarmee de uitvoering van
de opdracht geen verdere voortgang vindt.

2. Tenzij anders overeengekomen is courtage ter zake van bemiddeling bij koop
of verkoop van een onroerende zaak eerst opeisbaar ten tijde van de juridische
levering van de onroerende zaak bij de notaris zonder dat de consument over
de periode tussen de verschuldigdheid van de courtage en de opeisbaarheid
daarvan rente is verschuldigd aan de makelaar.

3. Na beëindiging van de bemiddelingsopdracht als bedoeld in artikel 6 lid 1 sub
b t/m e is de consument geen courtage verschuldigd indien er een
overeenkomst met betrekking tot een onroerende zaak tot stand komt, tenzij:

- de consument heeft gehandeld in strijd met het bepaalde in artikel 12;
- de makelaar genoegzaam bewijs levert dat de totstandkoming van de
overeenkomst met betrekking tot de onroerende zaak het gevolg is van
dienstverlening van de makelaar aan de consument tijdens de looptijd van
de opdracht.



4. Bij overeenkomsten, waarvan de definitieve totstandkoming of de verplichting
tot uitvoering, krachtens een tot de overeenkomst behorend beding, afhankelijk
is van een opschortende of ontbindende voorwaarde, is ook het recht op
courtage daarvan afhankelijk, tenzij een van partijen of beide de betreffende
voorwaarde niet overeenkomstig de strekking hanteren.

5. Wanneer een tot stand gekomen koopovereenkomst door gebruikmaking door
de koper van de wettelijke bedenktijd (artikel 7:2 BW) wordt beëindigd,
vervalt het recht op courtage met betrekking tot deze overeenkomst.

6. Wanneer een courtageverplichting overeenkomstig het bepaalde in lid 3 van
dit artikel ontstaat, heeft de makelaar recht op een naar redelijkheid vast te
stellen deel van de courtage. Bij de bepaling hiervan wordt rekening gehouden
met reeds door de makelaar verrichte werkzaamheden, het voordeel dat de
consument daarvan heeft en de grond waarop de overeenkomst is beëindigd.

7. Wanneer een tot stand gekomen overeenkomst niet tot uitvoering komt,
behoudt de makelaar recht op volledige courtage, tenzij de niet-uitvoering het
gevolg is van toerekenbaar tekortkomen (wanprestatie) van de makelaar.

ARTIKEL 14 – Berekening courtage koop en verkoop

1. De courtage wordt berekend op grondslag van wat partijen hierover
overeengekomen zijn. Voor zover partijen geen grondslag voor de berekening
van de courtage zijn overeengekomen, gelden de navolgende leden van dit
artikel.

2. De courtage wordt berekend over de koopsom van de onroerende zaak

3. Onder de koopsom wordt verstaan het bedrag dat de koper aan verkoper
verschuldigd is, exclusief de kosten en rechten die op de overdracht vallen,
zoals overdrachtsbelasting, notariële kosten en kadastrale rechten.

4. Indien over de koopsom BTW verschuldigd is, dan wel deze in de koopsom is
inbegrepen, dan wordt de courtage mede berekend over het bedrag inclusief
genoemde belasting tenzij de koper gerechtigd is om de BTW in aftrek te
brengen.

5. Bij in aanbouw zijnde of nog te bouwen onroerende zaken wordt de courtage
berekend over de koop- en aanneemsom tezamen, dan wel over de verwachte,
uit de overeenkomst blijkende, bouwsom of stichtingskosten met inbegrip van
de BTW, tenzij de koper gerechtigd is de BTW in aftrek te brengen.

6. Bij koop en verkoop van een recht van erfpacht, dan wel van een opstal op
erfpachtgrond wordt de courtage berekend over het bedrag dat de koper en
verkoper als zodanig overeenkomen, vermeerderd met een bedrag gelijk aan
het tienvoud van de periodieke vergoeding op jaarbasis.

7. Bij koop en verkoop van een appartementsrecht wordt de courtage berekend
over de koopsom van het appartementsrecht.

8. Bij koop en verkoop van een lidmaatschapsrecht van een coöperatieve
vereniging tot exploitatie van onroerende zaken of van aandelen in
onverdeelde eigendommen wordt de courtage berekend over de koopsom van
het betreffende lidmaatschapsrecht of aandeel, zonder aftrek van het aandeel in
een eventuele hypothecaire lening.


9. Gelijkgesteld met koop- en verkoopovereenkomsten worden voor de
courtageberekening:

- ruilkoop;
- huurkoop;
- financial lease;
- koop en verkoop op afbetaling;
- koop en verkoop die niet zonder meer de verplichting tot levering bevat
- (economische eigendomsoverdracht);
- het vestigen van het recht van erfpacht of opstal.


10. Indien er roerende zaken in materiële zin en/of vermogensrechten
(bijvoorbeeld goodwill) worden gekocht of verkocht, en/of er tevens
schadevergoedingen, inschrijvingen, bijdragen en dergelijke aanspraken door
partijen jegens elkaar worden overeengekomen, wordt de courtage mede in
rekening gebracht over de koopsom van deze goederen en deze rechten.

ARTIKEL 15 – Berekening courtage huur en verhuur

1. De courtage wordt berekend op grondslag van wat partijen hierover
overeengekomen zijn. Voor zover partijen geen grondslag voor de berekening
van de courtage zijn overeengekomen, gelden de navolgende leden van dit
artikel.

2. Bij huur- en verhuurovereenkomsten met betrekking tot onroerende zaken
wordt de courtage berekend over de huursom, met inachtneming van de
overige hieronder vermelde bepalingen.

3. Onder de huursom wordt verstaan het bedrag dat de huurder en verhuurder
overeenkomen als vergoeding voor het enkel genot van de onroerende zaken
voor het eerste huurjaar.

4. De courtage wordt berekend over de huursom + BTW, indien dit van
toepassing is, tenzij de huurder gerechtigd is de BTW in aftrek te brengen.

5. Indien krachtens de overeenkomst in enig volgend jaar aan huur een ander
bedrag verschuldigd zal zijn dan in het eerste huurjaar en dit bedrag bij het tot
stand komen van de overeenkomst reeds bekend is, terwijl dit kennelijk een
andere strekking heeft dan het in gelijke tred houden van de huur met de
waardeontwikkeling van de euro, wordt voor de berekening van de courtage in
aanmerking genomen het totaal van die bedragen, gedeeld door het aantal
jaren waarop zij betrekking hebben.

6. Een gedeelte van een huurjaar wordt als geheel huurjaar gerekend.

7. Gelijkgesteld aan huur- en verhuurovereenkomsten worden voor de
courtageberekening:

- pachtovereenkomsten;
- ruilovereenkomsten;
- overeenkomsten tot ingebruikgeving;
- overeenkomsten betreffende een zakelijk recht van gebruik en
bewoning;
- andere vergelijkbare overeenkomsten, zoals financiële of operationele
lease.



8. Indien er roerende zaken in materiële zin en/of vermogensrechten
(bijvoorbeeld goodwill) mede worden gehuurd of verhuurd, wordt onder de
huursom mede begrepen de voor deze goederen overeengekomen huurprijs.
Worden de goederen mede gekocht of worden verkocht, en/of worden er
tevens schadevergoedingen, inschrijvingen, bijdragen en dergelijke aanspraken
door partijen jegens elkaar overeengekomen, dan wordt de courtage mede in
rekening gebracht over de koopsom van deze goederen en deze rechten.

 ARTIKEL 16 – Kosten

1. Tenzij anders overeengekomen vergoedt de consument bij opdracht voor
bemiddeling bij koop of huur de kosten die de makelaar ten behoeve van de
consument maakt. Ten aanzien van het maken van deze kosten en de omvang
ervan dient de makelaar tevoren met de consument overleg te plegen en
afspraken daaromtrent schriftelijk of elektronisch vast te leggen. Een en ander
geldt eveneens als de opdracht wordt opgeschort of eindigt door intrekking of
anderszins.

2. De consument is ter zake van een intrekking nimmer schadeplichtig. De
makelaar heeft terzake wel recht op vergoeding van reeds gemaakte kosten
zoals in het vorige lid bedoeld en, indien en voor zo ver bij het verstrekken van
de opdracht overeengekomen, op een percentage van het loon.

 


Deel 3. Taxatie

 

 

 

ARTIKEL 17 – Taxatie

1. Taxatie van een onroerende zaak is het geven van een waardeoordeel daarover
aan de consument op grond van aard, stand en ligging en de staat waarin de
onroerende zaak zich bevindt en het verstrekken van een eenvoudig rapport
hierover. Tenzij anders is afgesproken geschiedt de taxatie volgens de
geldende versie van het taxatierapport financiering woonruimte dat is
vastgesteld door de representatieve organisaties in de branche. Een taxatie
dient door een makelaar in persoon te worden verricht.

2. Het taxatierapport dient te omvatten: de naam van de consument, het doel van
de taxatie, een korte zakelijke omschrijving van het getaxeerde, de kadastrale
gegevens, een oordeel over de waarde onder vermelding van de soort daarvan,
bijzondere omstandigheden waarmee rekening is gehouden, de datum waarop
de taxatie is verricht en de naam en de gegevens van de taxateur. Het
taxatierapport is geen bouwkundig rapport.

3. Tenzij anders overeengekomen wordt het rapport aan de consument
uitgebracht. De makelaar stelt het rapport niet ter beschikking van derden
tenzij hij toestemming heeft verkregen van de consument.

4. De makelaar aanvaardt alleen ten opzichte van de consument
verantwoordelijkheid voor de inhoud van het rapport, dus niet jegens derden.

5. Tenzij anders overeengekomen is de consument bij opdracht voor taxatie het
overeengekomen honorarium verschuldigd zodra het rapport is afgeleverd.

6. Indien de consument de opdracht tot taxatie intrekt voordat deze is uitgevoerd,
is de consument voor de reeds verrichte werkzaamheden een vergoeding


verschuldigd. Indien over de hoogte van deze vergoeding geen afspraken zijn
gemaakt, dient deze naar redelijkheid te worden vastgesteld.

7. De door de makelaar in het kader van de taxatieopdracht noodzakelijk
gemaakte onkosten ter zake van reis en verblijf, leges en kadastraal onderzoek
zullen door de consument worden vergoed.

8. Bij taxatie ingevolge een aan meer makelaars verstrekte opdracht wordt het
tarief door iedere makelaar in rekening gebracht.

9. Bij een opdracht aan meer makelaars gezamenlijk, brengen deze gezamenlijk
rapport uit. In dit rapport komen hun gezamenlijke bevindingen tot
uitdrukking. Slagen de makelaars er niet in tot gezamenlijke conclusies te
komen, dan treden zij in overleg met de consument omtrent het uitbrengen van
een rapport waarin hun uiteenlopende conclusies voorkomen.

10. Het honorarium wordt berekend op grondslag van wat partijen hierover
overeengekomen zijn. Voor zover partijen geen grondslag voor de berekening
daarvan zijn overeengekomen, geldt het navolgende:

indien het tarief afhankelijk is gesteld van de taxatiewaarde wordt onder
taxatiewaarde verstaan:

a. Bij taxatie van de waarde van een aandeel in een onroerende zaak: De
getaxeerde waarde van de gehele onroerende zaak;
b. Bij taxatie van de waarde van een appartementsrecht of van een
lidmaatschapsrecht van een coöperatie: De getaxeerde waarde van dat
appartementsrecht of dat lidmaatschapsrecht.
c. Bij taxatie van de waarde van opstallen op erfpachtgrond of het recht van
erfpacht (al dan niet met de rechten van de erfpachter op de opstallen): Het
getaxeerde bedrag, vermeerderd met het bedrag dat gelijkstaat aan het
tienvoud van de geldende canon op jaarbasis;
d. Indien de opdracht betrekking heeft op meer dan één soort waarde, of indien
het voor het geven van het gevraagde waardeoordeel noodzakelijk is tevens
andere soorten waarden te beoordelen en deze oordelen in het rapport vermeld
worden: De waarde waarvan de overeengekomen bijbehorende
tariefberekening de hoogste uitkomst geeft;
e. Bij een taxatie ten behoeve van een geldlening onder hypothecair verband: De
onderhandse verkoopwaarde, tenzij deze lager is dan de executiewaarde.

 


Deel 4. Vastgoedmanagement


 


ARTIKEL 18 – Vastgoedmanagement (beheer)

1. Vastgoedmanagement houdt in het verlenen van diensten aan de consument
met betrekking tot één of meer onroerende zaken, die de instandhouding en de
exploitatie ten goede komen en bijdragen tot een optimaal rendement van de
belegde financiële middelen. De consument die opdracht tot
vastgoedmanagement geeft, kan zijn de eigenaar dan wel degene die de
onroerende zaken in bezit of anderszins onder zijn/haar zeggenschap heeft.

2. De te verlenen diensten kunnen zowel van commerciële als van technische of
administratieve aard zijn.


 De onderstaande diensten kunnen onder andere behoren tot het dienstenpakket
van een vastgoedmanager:

- verzorging van de huurincasso;
- bemoeienis met bijkomende leveringen en diensten (administratieve
verwerking, verrekening met huurders, controle op de kwaliteit van de
leveringen en diensten);
- verzorging van de betaling van kosten en lasten;
- werkzaamheden in verband met periodieke huurprijswijzigingen;
- verzorging van het onderhoud (behandeling, beoordeling en het doen
verhelpen van klachten, periodieke inspectie, meerjarenplanning,
verzorging van controle en betaling van rekeningen);
- verzorging van het opnieuw verhuurd worden van leegkomende gedeelten
en andere activiteiten met betrekking tot verhuurmutaties;.
- verstrekking van adviezen


3. Intrekking van een opdracht tot vastgoedmanagement dient bijvoorkeur
schriftelijk of elektronisch te geschieden. Bij intrekking dient een
opzegtermijn van tenminste 3 maanden in acht te worden genomen.

4. De opdracht kan tevens omvatten het vervullen van de functie van bestuur van
een Vereniging van Eigenaren van appartementsrechten of de functie van
secretaris-penningmeester van een coöperatieve vereniging tot exploitatie van
onroerende zaken.

 


Deel 5. Geschillenregeling en branchegarantie



 

ARTIKEL 19 – Geschillenregeling

1. Geschillen tussen consument en makelaar over de totstandkoming of de
uitvoering van overeenkomsten met betrekking tot door de makelaar te leveren
of geleverde diensten, kunnen zowel door de consument als door de makelaar
aanhangig worden gemaakt bij de Geschillencommissie Makelaardij,
Bordewijklaan 46, 2509 LP Den Haag (www.sgc.nl).

2. Ten aanzien van geschillen over aansprakelijkheid voor schade is de
geschillencommissie slechts bevoegd indien deze een financieel belang van
10.000 euro niet te boven gaan.

3. Een geschil wordt door de Geschillencommissie slechts in behandeling
genomen, indien de consument zijn klacht eerst volledig en duidelijk
omschreven bij de makelaar heeft ingediend.

4. Nadat de klacht bij de makelaar is ingediend, moet het geschil uiterlijk drie
maanden na het ontstaan daarvan bij de Geschillencommissie aanhangig
worden gemaakt.

5. Wanneer de consument een geschil voorlegt aan de Geschillencommissie, is de
makelaar aan deze keuze gebonden. Indien de makelaar een geschil aan de
Geschillencommissie wil voorleggen, moet hij de consument vragen zich
binnen vijf weken uit te spreken of hij daarmee akkoord gaat. De makelaar
dient daarbij aan te kondigen dat hij zich na het verstrijken van voornoemde
termijn vrij zal achten het geschil bij de rechter aanhangig te maken.


6. De Geschillencommissie doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen
van het voor haar geldende reglement. Het reglement van de
Geschillencommissie wordt desgevraagd toegezonden. De beslissingen van de
Geschillencommissie geschieden bij wege van bindend advies. Voor de
behandeling van een geschil is een vergoeding verschuldigd.

7. Uitsluitend de rechter dan wel de hierboven genoemde Geschillencommissie is
bevoegd van geschillen kennis te nemen.

ARTIKEL 20 – Branchegarantie nakoming bindende adviezen.

1. De NVM staat tegenover de consument borg voor de nakoming van het door
de geschillencommissie uitgebrachte bindend advies, tenzij het bindend advies
binnen twee maanden na verzending hiervan ter toetsing wordt voorgelegd aan
de rechter en het vonnis waarbij de rechter het bindend advies onverbindend
verklaart in kracht van gewijsde is gegaan.

2. Situaties van surséance van betaling en faillissement zijn van de
nakomingsgarantie uitgesloten zolang het geschil nog niet ter zitting is
behandeld. Situaties van bedrijfsbeëindiging zijn van de nakomingsgarantie
uitgesloten zolang het geschil nog niet aanhangig is gemaakt.

3. De consument kan schriftelijk een beroep doen op de nakomingsgarantie nadat
aantoonbaar is gebleken dat de makelaar het bindend advies niet zelf nakomt,
noch het bindend advies binnen 2 maanden na verzending hiervan ter toetsing
aan de rechter voorlegt. De uitbetaling van het bedrag geschiedt binnen een
termijn van één kalendermaand na ontvangst van het beroep onder voorwaarde
dat de consument zijn vordering op de makelaar aan de NVM heeft
overgedragen.

 


Deel 6. Afwijking en wijziging

 

 

 

ARTIKEL 21 – Afwijking

Individuele afwijkingen moeten schriftelijk dan wel elektronisch tussen de makelaar
en de consument worden vastgelegd.

ARTIKEL 22 – Wijziging

De NVM zal deze Algemene Voorwaarden slechts wijzigen in overleg met de
Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis.

 

Aldus vastgesteld en als de leden bindend reglement aangewezen in de ledenraad van
de NVM van 9 december 2005, ingaande 15 februari 2006.

 

Deze Algemene Consumentenvoorwaarden staan bij de Sociaal-Economische Raad
(SER) en de Stichting Geschillencommissie voor Consumentenzaken bekend onder
nummer AV CZ/50.

 


Deel 7. Aanhangsel

 

 

 

Aanhangsel bij het besluit tot vaststelling van de Algemene Consumentenvoorwaarden NVM
De ledenraad van de NVM heeft op 9 december 2005 tevens vastgesteld dat:

  • het algemeen bestuur bevoegd is om indien het dat in het belang van de NVM acht, de tekst van de Algemene Consumentenvoorwaarden NVM te wijzigen;
  • de leden met ingang van 15 februari 2006 verplicht zijn om bij dienstverlening in opdracht van een consument (natuurlijk persoon, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf) de Algemene Consumentenvoorwaarden NVM van toepassing te verklaren in plaats van de vigerende Voorwaarden NVM;
  • het van toepassing verklaren van de Algemene Consumentenvoorwaarden NVM impliceert dat leden zich dienen te onderwerpen aan de beslissing van de in die voorwaarden genoemde geschillencommissie;
  • indien naast de Algemene Consumenten Voorwaarden NVM extra bepalingen in de vorm van algemene voorwaarden worden gehanteerd, ná vermelding van alle tweezijdige bedingen het volgende CZ-format opgenomen dient te worden:
De navolgende bedingen zijn door Hans Visser makelaars zelf vastgesteld. Hierover heeft geen overleg plaats gevonden tussen de NVM, de Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis in het kader van de Coördinatiegroep Zelfreguleringsoverleg van de Sociaal-Economische Raad.
Deze bepalingen kunnen uiteraard geen afbreuk doen aan de tweezijdig vastgestelde bedingen en zijn uitsluitend bedoeld om de positie van de consument verder te versterken.

Toelichting: Het in individuele gevallen van de tweezijdige Algemene Voorwaarden afwijken wordt door de Coördinatiegroep Zelfregulering niet wenselijk geacht, maar valt niet te verbieden. In de handleiding bij het CZ-protocol staat dat zeker onwenselijk zijn bepalingen over eenzijdig door de ondernemer aan te brengen wijzigingen in de tweezijdige Algemene Voorwaarden zelf, met de bedoeling dus om in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen. “Dit past niet bij CZ-overleg. Het CZ-systeem gaat ervan uit dat er zijn tweezijdige Algemene Voorwaarden (extra bepalingen: CZ-format) zijn en wederzijds overeengekomen individuele afwijkingen, méér niet.”

 

 

 

 

 

 

 

 

Onze gegevens

 

 

Hans Visser makelaars
valt onder:

Peters & Partners
Makelaars & Taxateurs
Keizersgracht 541
1017 DK Amsterdam
Tel:  +20 (0)20 2250033
Email: info@petersenpartners.nl
www.petersenpartners.nl